Ruim baan voor de Overijsselse aanpak

‘De truc is om mensen samen ideeën te laten ontwikkelen vanuit de identiteit van hun dorp. Zo ontstaat een toekomstbestendig en dus sterk verhaal’, aldus bureau De Plekkenmakers tijdens de Provada, de grootste vastgoedbeurs die begin juni plaatsvond in de RAI in Amsterdam. De provincie presenteerde daar in een eigen stand de manier waarop zij ruimte geeft aan ondernemen, wonen en klimaat – en vooral aan de combinatie daarvan. Een aanpak, zo merkte gedeputeerde Monique van Haaf verheugd op, die bijna naadloos aansluit op het werk van de Stadsbeweging Overijssel, die zich inzet voor vitale binnensteden.

Overijssel is nadrukkelijk niet van het solistisch optreden. De provincie wil vooral samenwerken met anderen: ontwikkelaars, investeerders, woningcorporaties, bedrijven, gemeenten, waterschappen en wie er verder maar kan en wil bijdragen aan een in alle opzichten gezonde provincie. ‘We hebben elkaar nodig’ is het adagium dat ten grondslag ligt aan de Overijsselse aanpak.

De provincie is er met name op uit partijen met elkaar in contact te brengen, opdat nieuwe ideeën en verbanden ontstaan, en vooral: dynamiek. De aloude schotten tussen overheid en bedrijfsleven, maar ook tussen branches, moeten naar beneden, vindt Overijssel. Alleen op die manier kan doortastend aan een nieuwe toekomst worden gewerkt.

De kracht van Overijssel
Frans Holleman, directeur bij BPD Gebiedsontwikkeling: ‘Hier gaat niemand alleen voor z’n eigen hachje. De kracht van Overijssel is dat mensen willen samenwerken. Omdat ze weten: uiteindelijk levert dat iets op – ook als je tussentijds een keer moet slikken. Dat we in Zwolle duizend nieuwe woningen per jaar kunnen bouwen, terwijl het er voorheen vierhonderd waren, is puur te danken aan samenwerking.’

Ambassadeur Friso de Zeeuw van het landelijke Expertteam Woningbouw herkent dat. ‘Op veel plaatsen in Nederland werkt alles en iedereen langs elkaar heen. Zwolle loopt voorop in de samenwerking tussen bestuur, corporaties en markt. Dat heeft onder meer te maken met een open houding. Wat ik echter mis, is de stap van lokaal naar regionaal denken. Ga je dat doen, dan kun je regionale investeringsplannen maken waarin Overijssel de kar trekt. Dat biedt kansen, met name op het gebied van mobiliteit, waar nog een grote opgave ligt. Als provincie, gemeenten en markt samenwerken, kan het rijk immers nauwelijks achterblijven.’

We mogen wel wat grootser gaan denken
Ook waar het klimaatadaptatie betreft, bepleit Friso de Zeeuw grootser denken. Op de laatste Provada-dag benadrukte hij de urgentie van adaptatie. ‘Wat er nu op projectniveau gebeurt, is allemaal prachtig. Maar we moeten de boel programmatisch gaan aansturen om grotere stappen te kunnen zetten. Blijf dus niet naar elkaar kijken, maar ga samenwerken. Klimaatneutraal bouwen is nu eenmaal de toekomst. Er is geen weg terug.’

Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, meent Evert van Kooten, directeur bij Hegeman Bouwgroep: ‘We moeten ook de bestaande bouw transformeren. En dat is iets heel anders. Het is alsof je een koetsenmaker vraagt om binnen tien jaar met een Tesla te komen. Dat lukt alleen met keiharde samenwerking. Mijn advies: kijk bij elkaar in de keuken om van elkaar te leren, maar maak voor de komende tien jaar ook een heel concreet stappenplan.’

Wil je een indruk krijgen van de Provada? Bekijk dan hier een korte impressie of ga direct naar de Provada-pagina op de provincie website.

Partners